Beeldresolutie en dpi: zo krijg je scherp drukwerk

Een foto die op je scherm scherp lijkt, kan in druk korrelig uitpakken. Dat draait om beeldresolutie: de resolutie die je bestand nodig heeft om scherp te drukken. Waar een scherm genoeg heeft aan 72 ppi, vraagt drukwerk 300 dpi. Wie het verschil kent, levert scherpe bestanden aan.

Beeldresolutie en dpi: zo krijg je scherp drukwerk

Wat is dpi?

Dpi staat voor dots per inch: het aantal drukpunten per inch. Voor scherp drukwerk heb je minimaal 300 dpi nodig op het formaat waarop de afbeelding wordt afgedrukt. Op een beeldscherm volstaat 72 dpi, en dat is precies waarom een webafbeelding in druk vaak tegenvalt.

Op ware grootte rekenen

Belangrijk: 300 dpi geldt op het eindformaat. Een foto van 300 dpi die je twee keer zo groot afdrukt, wordt effectief 150 dpi en dus minder scherp. Vergroot een afbeelding dus niet fors nadat je hem hebt geplaatst.

Praktische tips

  • Gebruik originele foto’s in hoge resolutie, geen gedownloade webplaatjes.
  • Controleer de effectieve resolutie ná plaatsing en schaling.
  • Vermijd het vergroten van kleine afbeeldingen; detail dat er niet is, komt niet terug.
  • Lever je bestand aan als PDF met afbeeldingen op minimaal 300 dpi.

Twijfel je of je beeld scherp genoeg is? Wij controleren je bestand vóór productie en waarschuwen je bij te lage resolutie.

Beeldresolutie bij vergroten

Bij beeldresolutie is de grootste fout een kleine afbeelding groot afdrukken. Een plaatje van internet is vaak 72 dpi en ziet er op je scherm prima uit, maar op A4 wordt het blokkerig. Vergroten in software helpt niet: de ontbrekende informatie kan niet worden teruggehaald.

Werk daarom vanaf het begin met beeld in drukkwaliteit. Fotografeer of scan op hoge resolutie, en bewaar originelen zodat je later groter kunt afdrukken zonder kwaliteitsverlies. Meer technische achtergrond over resolutie vind je bij de PDF Association.

Reken het voor je eigen beeld even door. Een foto van 1200 bij 800 pixels is prima op een half A5’tje, maar zet je hem paginagroot op A4, dan zakt de resolutie naar ongeveer de helft en zie je de pixels. Reken dus altijd op ware grootte: pixels gedeeld door de gewenste breedte in inches geeft je werkelijke dpi.

Software die een foto “opschaalt” verzint de ontbrekende pixels erbij. Dat kan tegenwoordig verrassend goed bij landschappen en vlakke ondergronden, maar bij tekst in een foto, haar en fijne patronen zie je het meteen. Ga liever terug naar het origineel of naar de fotograaf dan dat je een klein bestand oprekt.

Wanneer 300 dpi niet nodig is

De vuistregel van 300 dpi geldt voor foto’s die je van dichtbij bekijkt, zoals in een boek dat je in handen houdt. Voor drukwerk dat je op afstand ziet mag het minder: een poster aan de muur komt met 150 dpi prima weg. Andersom vraagt lijnwerk juist méér. Een logo, een kaartje of een scan van een tekening wordt pas echt scherp bij 600 tot 1200 dpi, of beter nog: lever het aan als vectorbestand, dan is resolutie helemaal geen kwestie meer.

Let tot slot op waar je beeld vandaan komt. Afbeeldingen van een website zijn bijna altijd 72 dpi en te klein voor druk, ook al zien ze er op je scherm scherp uit. Schermafbeeldingen hebben hetzelfde probleem. Vraag bij twijfel het originele bestand op; dat scheelt teleurstelling als het boek eenmaal gedrukt is.

Veelgestelde vragen over beeldresolutie en dpi

Welke dpi heb ik nodig voor drukwerk?

300 dpi op ware grootte is de standaard voor scherp drukwerk. Voor zwart-wit lijnwerk is 600 dpi of hoger beter.

Kan ik een afbeelding van internet gebruiken?

Meestal niet. Webafbeeldingen zijn vaak 72 dpi en te klein voor scherp drukwerk. Gebruik het origineel in hoge resolutie.

Wat is het verschil tussen dpi en ppi?

Ppi is schermresolutie (pixels per inch), dpi is drukresolutie (dots per inch). Voor het aanleveren van drukwerk telt de effectieve dpi op afdrukgrootte.